Doorgaan naar hoofdcontent

"Homo!', zei de autochtone Nederlander

En niet in een biologische zin, of "kijk wat een leuke homo", dus vleiend. Nee, gewoon even vloeken. "Homo" komt er al een tijdje gemakkelijk uit bij een aanzienlijk deel van de autochtone man. "Kanker", meestal als bijvoeglijk naamwoord eveneens maar dit stukje gaat even over het zelfstandig naamwoord scheldwoord 'homo'.

Even ter inleiding:
Ik schrijf dit niet omdat ik me beledigd voel dat iemand "homo", of "relnicht" tegen me zegt.
Mijn doel is om onder de aandacht brengen, op deze Gaypridedag, dat, in mijn beleving, veel autochtone, toch meestal, mannen en jongens, met het grootse gemak het h-woord ijdel gebruiken. De allochtone groep die eveneens bezigt, is veel gemakkelijker in kaart te brengen, het gedrag is vaak goed te observeren in zijn extremiteit maar het gedrag van de autochtone man is op veel grotere schaal latent waar te nemen. En dat vind ik niet leuk! Het is ook gevaarlijk.

Waarom nu dit stukje tekst? Het is toevallig dat de neiging opkomst in de Gay Pride Amsterdamweek en ironisch dat het gebeurt op de dag van de Canal Parade. Vanmiddag kwam er een boot van de Leidse Rederij voorbij gevaren, vol met twintigers. Tussen de benen van een omgekeerde opblaaspop werd van alles gepropt en één van die gasten, deed zijn behoefte in de singel. Een aantal kinderen waren vlak voor hem aan het zwemmen. Ik riep nog: "Hé Leidse Rederij, let op!" en de buurkinderen riepen "viezerik". De circa twintig twintigers begonnen me uit te schelden, waarop ik, ook niet erg goed te praten, hen de middelvinger gaf (ik ben ook maar en mens). In koor riepen ze "homo, homo" en dan met die dommige klank. De 'schipper' van de boot lachte en greep niet in.
Later, ik ben bezig met een tuinslang op onze terrasboot en wederom vaart er een rondvaartboot van de Leidse Rederij langs. De slang lekt en er volgen schunnige opmerkingen. 15 mannen, dertigers en veertigers zo te zien, kijken me licht provocerend aan. Ze hopen dat ik reageer maar er vaart zoveel dom volk voorbij dat de lust met iedereen te converseren me vaak vergaat maar na nog een paar van die opmerkingen doe ik toch. "Wat een niveau zeg!", roep ik. Daar zaten ze op te wachten en de zeer normaal uitziende mannen noemen me zowaar een relnicht.

Ik hoor dit soort uitspraken echt regelmatig. Zeker op het water, waar veel mensen de neiging hebben hun decorum of hun minimaal opgedane kennis van de moraal, aan wal te laten. Lekker joelen, "homo", of nog erger, "kanker homo".
Waar komt het gedrag vandaan. Ik ga er niet eens over uitweiden, daar is al veel over geschreven. Wat ik wel wil zeggen is dat ik het bij mij thuis totaal niet (meer) accepteer. Er zijn hier nog wel eens jongeren over de vloer en in hun gesprekken komt het h-woord, niet biologisch of vleiend, ook voor. We spreken ze er op aan, soms ook even niet. Vanaf nu gaan ze maar liever naar huis want ik ben er klaar mee. Want, zonder er alsmaar op te wijzen, gaan zij later zelf ook in het kuddegedrag mee met deze domme en kwetsende scheldkoren. En dan bedoel ik gelukkig niet onze kinderen maar die lopen ook rond in deze samenleving, meestal niet met hun kop in het zand.


Ik was en ben er weer klaar mee omdat ik één en ander toch weer in een breder perspectief zie, historisch wel te verstaan. Bijvoorbeeld, hoe gemakkelijk is het niet om moslims allemaal over één kam te scheren, hoe gemakkelijk is het niet en was het niet om de joden maar overal de schuld van te geven, of de christenen in Irak. Het lijkt me duidelijk waar deze gedragingen, die leiden tot misdragingen en misdaden tegen de menselijkheid, konden, kunnen en zullen leiden. Doe het niet! Nog een andere reden. We gaan prat op het gelijkheidsbeginsel, artikel 1 in de grondwet, nee ik ga het niet citeren maar iedereen is gewoon gelijk in Nederland, aldus De Wet. Ik weet zeker dat er veel Nederlandse mannen zijn die het in principe, als je het ze goed uitlegt, helemaal eens zijn met dit artikel en dat ze misschien vandaag zelfs naar de Canal Parade zijn gegaan, misschien in de vorm van aapjes kijken, mij op een zekere dag, als ik niet meega in de domme joligheid van het voorbijvarende testosteron, weer eens achteloos uitschelden voor "hoomoo". Ze staan dus niet achter gelijkheid, de ene mens lijkt in hun beleving toch wat inferieurer dan de andere te zijn, al wordt dat natuurlijk meestal niet zo openbaar verkondigd. In het verbergen van deze gedachten zijn autochtone homohaters veel beter dan allochtone homohaters, die doen het vaak publiekelijker en soms ook wat heftiger. Maar in de veilige zone van de vele peergroepen die er zijn, komen de werkelijke gevoelens toch aan de oppervlakte. Wat ik eigenlijk het ergste vind, ik hoop dat ze me het vermelden maar even vergeven, is dat ik veel homoseksuele vrienden heb. Zij worden uitgescholden en als een andere menssoort beschouwd en dat vind ik niet leuk! Daarom ben ik boos en wordt het misbruiken van het h-woord bij mij voortaan bestraft. Oké, ik denk dat de bewuste vrienden de eerst volgende keer met "hoomoo's" komen aanvliegen maar laat ze maar.

Zo dat was even de frustratie en boosheid op de Canal Parade dag 2014, die ik even moest toevertrouwen aan de eeuwigheid van Internet.

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Founding Fathers and the Dutch origin of Thanksgiving Day

In the 17th century a small group of English refugees set up a small colony in the New World, on the coast of what is now the state of Massachusetts. Preceding this event, these pilgrims later to be called Founding Fathers temporarily find a relative safe haven in the Netherlands, especially in cities Amsterdam and Leiden. The pilgrims play a vital role in the history of the United States and have become a central theme in its cultural identity. Some of their ideas are directly traceable to their stay in the Netherlands and some of them more specifically to the medieval city of Leiden. Many people assume America’s National holiday Thanksgiving Day directly derives form a local Leiden festival.

The refugee story
After the reformation on the mainland of Europe, wherein large groups of Christians, under the spiritual leadership of Martin Luther, turn their back to the many Roman Catholic rituals and doctrines, this movement also starts to get solid ground in England. Although less massi…

Marinevormingen in de bossen

De Koninklijke Marine is een onderdeel van de Nederlandse krijgsmacht dat een groot aantal nationale maritieme taken heeft en zich inzet voor veiligheid op- en vanuit zee. In de jaren 1946 tot 1978 worden marinemannen militair opgeleid op een plek ver van het open water. Voormalige burgers worden omgevormd tot soldaten in het Marine Opleidingskamp Hilversum (MOKH). In de nabij gelegen bossen ondergaan de nieuwe militairen hun Eerste Militaire Vorming (EMV), zoals dat in die dagen heet. In deze landomgeving heersen marineroutines, ware men op zee. Er is zelfs een boot, van beton…
Het kamp Voor een groot deel is het MOKH opgezet door de Duitse bezetter, zij hebben het grootste deel van de gebouwen neergezet. Na de Tweede Wereldoorlog wordt het complex functioneel door de marine overgenomen. Naast andere opleidingen, vindt hier de militaire vorming voor de nieuwkomers plaats. De meesten van hen arriveren op het station Hollandsche Rading bij Loosdrecht vanwaar zij met een marinebus naar…

De Poort tot de Vloot

In de dorpskern van de gemeente Voorschoten bevindt zich een straat met een in Nederland unieke naam, namelijk, de Koninklijke Marinelaan. Anno 2013 herinnert zich maar weinig in deze doorsnee-straat aan het marineverleden. En dat terwijl voor vele duizenden marinemannen hier hun carrière bij dit onderdeel van de Nederlandse krijgsmacht begon. Aan deze straat lag namelijk het Marine Opkomstcentrum (MOC). Jongemannen die het avontuur wilde aangaan, werden hier gekeurd.


Het terrein van het voormalige opkomstcentrum wordt in 1939 door het Rijk voor het leger gevorderd, dit in verband met de spanningen aan de oostgrens en de Nederlandse mobilisatie na de inval van nazi-Duitsland in Polen. Nadat Nederland de kortdurende en ongelijke strijd in 1940 tegen Duitsland opgeeft, wordt het terrein overgenomen door het Duitse leger, de Wehrmacht. De bezetters breiden het kamp uit en bouwen naast houten barakken het stenen hoofdgebouw dat dienst doet als keuken en kantine.
Snel na de bevrijding van …