Doorgaan naar hoofdcontent

De verstekeling van Sidi bel-Abbes

Dankzij een toegeworpen reistas met burgerkleren, ‘stoute schoenen’ en bij elkaar geschraapte moed, loopt een jonge Fries rustig van boord van de Nederlandse marinekruiser Hr. Ms. De Zeven Provinciën. Dit zijn zijn laatste stappen van een hachelijk avontuur. Het is maart 1956 en de Friese Jelle Bakker is geen marineman maar een deserteur uit het vreemdelingenlegioen. Met behulp van een aantal matrozen is hij als verstekeling vanuit Algerije in Nederland terecht gekomen. Een reconstructie.

De jongeman vertelt na zijn ‘ontsnapping’ aan de Nederlandse media dat hij op een Engels vrachtschip voer en twee jaar terug in Marseille werd ontslagen. Met zijn ziel rondlopend door Marseille wordt hij overgehaald om dienst te nemen bij het Franse vreemdelingenlegioen. Zoals alle legionairs tekent hij voor vijf jaar om vervolgens al snel daarna te vertrekken naar Algerije, naar Sidi bel-Abbes.

De Zeven Provinciën, of De Zeven, is onderdeel van het Smaldeel V van de Koninklijke Marine en in 1956 in het Middellandse Zeegebied voor oefeningen. Hoewel het noordafrikaanse land wordt geteisterd door een hevige onafhankelijkheidsoorlog, legt het schip aan in het Algerijnse Oran. Daar organiseert het Nederlandse consulaat een busrit voor bemanningsleden van De Zeven naar het ongeveer 100 kilometer zuidelijker gelegen Sidi Bel Abbes. De verhaallijnen van Jelle en De Zeven komen nu bijeen aangezien in deze plaats het Hoofdkwartier van het Franse Vreemdelingenlegioen is gelegen. Na het bezoek wil een groepje (ex) Nederlandse legionairs mee terugrijden naar Oran. Zij krijgen hiervoor geen toestemming. Een aantal matrozen, de Jantjes, smokkelen vervolgens die Nederlandse gelukzoekers mee in de bussen die hen terugbrengen naar Oran. Bij aankomst willen de legionairs, natuurlijk, de marineschepen bezoeken.
De volgende morgen, 23 februari, als het smaldeel weer buitengaats is gegaan, blijken op verschillende marineschepen verstekelingen te zijn gemeld van niet-Nederlandse afkomst. Zij bevinden zich op dat moment officieel op Nederlands grondgebied, waardoor een asielprocedure moet worden toegepast. Echter, aangezien het om ingezeten gaat van een bevriende natie worden zij zo snel mogelijk via Nederland naar hun land van herkomst teruggebracht. Om welk land het gaat wordt niet bekend gemaakt.

Aan boord van De Zeven lopen er op die 23e februari enkele matrozen voor de lol rond in delen van het legioenuniform. Slechts enkelen aan boord kijken er van op aangezien er vaker het één of het ander wordt geritseld, zeker door de Jantjes. Wat weinigen dan nog weten, is dat verscheidene matrozen voor een Nederlandse deserteur uit het legioen aan boord een schuilplaats hebben geregeld. Jelle wordt ondergebracht in een bergplaats voor reserveonderdelen. Daar verstopt hij zich de eerste 11 dagen totdat ze Gibraltar zijn gepasseerd.
Even voor de context, in 1956 is de Algerijnse vrijheidstrijd zeer wreed en is het vreemdelingenlegioen, volgens de toenmalige media voor een groot deel geleid door oud SS’ers, vaak betrokken bij bloedbaden. Er zijn regelmatig deserteurs die de zelf opgelegde dienst en het geweld in het noordafrikaanse land willen de rug willen toekeren.


Aan boord van De Zeven wordt de deserteur / verstekeling niet opgemerkt door de leiding. Na het verlaten van het Middellandse Zeegebied verlaat de voormalige legionair zijn schuilplaats en heeft dan weinig schroom meer. Hij loopt rond in een matrozenpakje dat voor hem is geregeld en hij is geïnstrueerd over de gang van zaken op het schip. Net als de andere bemanningsleden, circa 900 in totaal, neemt hij deel aan de maaltijden in de cafetaria, koopt zijn spullen in de toko, gaat naar de filmvoorstellingen, bezoekt de bibliotheek aan boord en de kapper. En dan het mooiste, hij schrijft ook gedichtjes in de boordkrant. Je vraagt je af wat hij schreef, onder welke naam en rang en wie de kopij nog heeft?
Het is destijds gebruikelijk dat na langere trips de families van officieren en onderofficieren het privilege hebben om even aan boord komen voor een eerste begroeting. Zo ook die ochtend aan boord van De Zeven. Als de gasten hebben genoten van het eerste weerzien en al zwaaiend weer van boord gaan, loopt Jelle Bakker in een burgerkloffie met hen mee. Jelle is een doortastend man en heeft per brief zijn familie ingelicht over zijn komst en hen gevraagd om burgerkleding voor hem mee te nemen. Op die bewuste dag werpt een familielid een reistas met kleding vanaf de wal naar De Zeven maar het valt tussen wal en het schip. Het wordt laconiek, onder smakelijk gelach, weer opgevist. Verdekt opgesteld bij de valreep wacht hij op zijn kans en verlaat het schip en wordt op de kade opgewacht door een journalist van de Telegraaf. Daar doet hij zijn spectaculaire verhaal wat niet lang daarna in een extra editie verschijnt. Overige media pikken het nieuws met voorpagina-artikeltjes op. Zo wordt in De Waarheid van 28 maart 1956 een artikel op de voorpagina over de verstekeling gepubliceerd. De strekking van dit artikel net als in de andere media: ‘Er had 63(!!) dagen lang een verstekeling op één van de modernste kruisers van de NAVO gezeten, zonder opgemerkt te worden!’
Kort daarna komt de Marine-inlichtingendienst aan boord van De Zeven en het schip vertrekt vanaf de Parkkade in Rotterdam weer naar zee. En dat terwijl het grootste deel van de bemanning zich opmaakte voor het Paasverlof. Na veel spanningen onder de bemanning treden de helpers van de verstekeling naar voren en kan, een paar dagen later dan gepland, toch het Paasverlof ingaan voor de bemanning.
En de helpers van Jelle? Zij krijgen een disciplinaire straf waarvan de inhoud niet bekend is. En Jelle? Hij besluit na zijn interview een low profile te houden. En dat is gelukt… Tot nu.

Reacties

Populaire berichten van deze blog

Founding Fathers and the Dutch origin of Thanksgiving Day

In the 17th century a small group of English refugees set up a small colony in the New World, on the coast of what is now the state of Massachusetts. Preceding this event, these pilgrims later to be called Founding Fathers temporarily find a relative safe haven in the Netherlands, especially in cities Amsterdam and Leiden. The pilgrims play a vital role in the history of the United States and have become a central theme in its cultural identity. Some of their ideas are directly traceable to their stay in the Netherlands and some of them more specifically to the medieval city of Leiden. Many people assume America’s National holiday Thanksgiving Day directly derives form a local Leiden festival.

The refugee story
After the reformation on the mainland of Europe, wherein large groups of Christians, under the spiritual leadership of Martin Luther, turn their back to the many Roman Catholic rituals and doctrines, this movement also starts to get solid ground in England. Although less massi…

Marinevormingen in de bossen

De Koninklijke Marine is een onderdeel van de Nederlandse krijgsmacht dat een groot aantal nationale maritieme taken heeft en zich inzet voor veiligheid op- en vanuit zee. In de jaren 1946 tot 1978 worden marinemannen militair opgeleid op een plek ver van het open water. Voormalige burgers worden omgevormd tot soldaten in het Marine Opleidingskamp Hilversum (MOKH). In de nabij gelegen bossen ondergaan de nieuwe militairen hun Eerste Militaire Vorming (EMV), zoals dat in die dagen heet. In deze landomgeving heersen marineroutines, ware men op zee. Er is zelfs een boot, van beton…
Het kamp Voor een groot deel is het MOKH opgezet door de Duitse bezetter, zij hebben het grootste deel van de gebouwen neergezet. Na de Tweede Wereldoorlog wordt het complex functioneel door de marine overgenomen. Naast andere opleidingen, vindt hier de militaire vorming voor de nieuwkomers plaats. De meesten van hen arriveren op het station Hollandsche Rading bij Loosdrecht vanwaar zij met een marinebus naar…

De Poort tot de Vloot

In de dorpskern van de gemeente Voorschoten bevindt zich een straat met een in Nederland unieke naam, namelijk, de Koninklijke Marinelaan. Anno 2013 herinnert zich maar weinig in deze doorsnee-straat aan het marineverleden. En dat terwijl voor vele duizenden marinemannen hier hun carrière bij dit onderdeel van de Nederlandse krijgsmacht begon. Aan deze straat lag namelijk het Marine Opkomstcentrum (MOC). Jongemannen die het avontuur wilde aangaan, werden hier gekeurd.


Het terrein van het voormalige opkomstcentrum wordt in 1939 door het Rijk voor het leger gevorderd, dit in verband met de spanningen aan de oostgrens en de Nederlandse mobilisatie na de inval van nazi-Duitsland in Polen. Nadat Nederland de kortdurende en ongelijke strijd in 1940 tegen Duitsland opgeeft, wordt het terrein overgenomen door het Duitse leger, de Wehrmacht. De bezetters breiden het kamp uit en bouwen naast houten barakken het stenen hoofdgebouw dat dienst doet als keuken en kantine.
Snel na de bevrijding van …